Eerste PBL Monitor concept-RES: realisatie 35 TWh doel nog niet een gegeven

| 2 februari 2021 | 0 Reacties

Één van de maatregelen uit het Klimaatakkoord uit 2019 is het opwekken van 35TWh uit grootschalige zonne- en windenergie op land in 2030. Dertig regio’s werken plannen hiervoor uit in de Regionale Energiestrategieën (RES). In 2020 hebben de regio’s hun conceptbod RES ingediend. In oktober heeft het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) in een tussentijdse analyse berekend dat de optelsom van de RES leidt tot een bod van 52,5 TWh. Een nadere verkenning door PBL concludeert dat het doel van 35TWh mogelijk is maar nog niet een gegeven.

In 2020 moesten de 30 regio’s hun concept-RES indienen. In oktober van datzelfde jaar concludeerde PBL in een voorlopige analyse dat het opgetelde concept-RES bod 52,5 TWh was. Ten opzichte van deze tussentijdse analyse biedt de Monitor een nadere analyse en precisering van het kwantitatieve bod van alle regio’s samen. De Monitor geeft niet alleen een analyse van het kwantitatieve bod, maar ook van aspecten als ruimtegebruik, maatschappelijk en bestuurlijk draagvlak en energiesysteemefficiëntie. Het laat zien wat de impact van kwantitatieve en kwalitatieve onzekerheden zou kunnen zijn op de realisatie van de plannen en projecten en daarmee op de waarschijnlijkheid van het halen van de doelen in 2030. Voor deze analyse beschikte het PBL over alle 30 RES’en, 28 netimpactanalyses van Netbeheer Nederland en bestuurlijke reacties in 18 regio’s.

Nadere verkenning via de eerste Monitor van de concept-RES levert een inschatting voor hernieuwbare elektriciteitsproductie in 2030 op met een bandbreedte van 31,2 tot 45,7 TWh, en een middenwaarde van 38,2 TWh.

Realisatie bod met onzekerheden omgeven
De Monitor geeft inzicht in de onzekerheden waarmee de realisatie van het bod van 52,5 TWh is omgeven. Ongeveer de helft van het bod is productie van hernieuwbare elektriciteit uit bestaande installaties of uit projecten waarvoor de middelen reeds beschikbaar zijn en die mogelijk op korte termijn worden gerealiseerd. De onzekerheden betreffen de sanering van verouderde windturbines voor 2030 en de realisatiegraad van geplande projecten. Het PBL heeft bij de inschatting daarvan gekeken naar de realisatiegraad van projecten voor hernieuwbare elektriciteitsproductie in de afgelopen jaren.

De andere helft van het bod bestaat uit ambities die nog grotendeels concreet moeten worden gemaakt. PBL geeft een ruwe inschatting van het effect op de realisatiegraad van deze plannen waarbij alle grote onzekerheden rond ruimtegebruik, draagvlak en energiesysteemefficiëntie zijn samengevat.

Capaciteit elektriciteitsnetwerk
Een belangrijke onzekerheid is de capaciteit van het elektriciteitsnetwerk. Na bestudering van de analyses van Netbeheer Nederland komt het PBL tot de inschatting dat, om het doel van 35 TWh te kunnen behalen, forse extra investeringen in het elektriciteitsnetwerk nodig zijn. Beschikbaarheid van geschikte arbeidskrachten vormt daarbij mogelijk een extra knelpunt. Bij de voorziene ontwikkeling van het netwerk lijkt realisatie van de concept-RES’en aan de onderkant van de bandbreedte (31,2 TWh) haalbaar. Maar of dat echt zo is, kan pas duidelijk worden bij nadere concretisering van de biedingen. Veel hangt namelijk af van de opbouw van het bod: de grootte en locatie van projecten en de verhouding tussen de elektriciteitsproductie uit zon en die uit wind.

Extra afspraken nodig
De Monitor concept-RES geeft een inschatting van het doelbereik op nationale schaal. Het PBL constateert dat er nog grote verschillen zijn in de manier waarop de regionale biedingen zijn opgebouwd en in de beschikbaarheid van gegevens op regioniveau. Dat maakt het lastig om de bijdragen van individuele regio’s goed te vergelijken. Voor een volgende fase in de analyse van de biedingen van de individuele regio’s zijn heldere afspraken nodig over te hanteren definities en gegevens die regio’s gebruiken voor hun RES. Bron: PBL

Tags: , , , , , , ,

Category: Windenergie

Laat een reactie achter!